Eerder hebben wij de redactie kort voorgesteld in dit bericht. Zoals jullie daarin hebben kunnen lezen is Henk het redactielid met de meeste triathlon-ervaring. Hij startte met triathlon in de beginjaren van de sport (in Nederland). In dit interview hebben wij hem het trisuit van het lijf gevraagd. De verschillen van toen en nu komen naar voren en je leest hoe Henk het trainen voor de hele triathlon combineerde met zijn werk en gezinsleven.

In het kort..

Ik ben Henk en ben 64 jaar. Ik ben geboren in Amsterdam en ben uiteindelijk verhuisd met mijn vrouw, Marja, naar Alphen aan den Rijn. Samen hebben wij twee dochters gekregen. Op jonge leeftijd ben ik begonnen met sporten. Op latere leeftijd heb ik het triathlonvirus gekregen en heb ik meerdere triathlonwedstrijden voltooid.

Wat is je sportieve achtergrond?

Volgens mij ben ik begonnen met sporten toen ik ongeveer veertien jaar oud was. Voor die tijd was ik altijd buiten aan het steppen. Met een buurjongetje ging ik voor mijn vijftiende al stukjes hardlopen. Op mijn veertiende ben ik begonnen met basketballen.
Vroeger trainden de junioren van de fietsvereniging in Amsterdam rond het Olympisch Stadium. Hier kon je ook fietsen huren, helaas was dit voor mij toen te duur.
Op de Albert Cuyp hing in de etalage, waar ik altijd langsliep, een Peugeot racefiets. Dit vond ik een prachtige fiets! Van het geld dat ik met mijn eerste folderwijk had verdiend, heb ik deze fiets gekocht. Racefietsen vond ik op die leeftijd echt het allermooiste. Met mijn eigen Peugeot fiets heb ik een jaar wedstrijden gereden bij De Nieuwelingen. Daar mocht je niet met versnellingen rijden. Deze versnellingen moest ik dus van mijn racefiets afhalen.

Wanneer heb je voor het eerst kennisgemaakt met triathlon?

Nadat ik mijn eerste racefiets op jonge leeftijd had gekocht ben ik heel erg veel gaan fietsen. Toen ik wat ouder was ben ik drie jaar lang ieder jaar op fietsvakantie geweest. Met de fiets ben ik onder andere naar Corsica geweest, naar Italië en door Joegoslavië terug. In die jaren heb ik erg veel fietskilometers gemaakt. Op één van de fietsvakanties heb ik in Spanje ook mijn vrouw ontmoet! Triathlon bestond in die tijd nog niet.

In de weekenden heb ik altijd veel toertochten gemaakt bij toerclub Le Champion. Om in de winter mijn conditie te behouden ben ik, naast het fietsen, gaan hardlopen. Toen ik eenmaal in militaire dienst was, kon ik meer hardlopen. In het begin wist ik alleen niet hoe ik moest trainen. Na mijn dienstjaren ben ik lid geworden van de atletiekvereniging AAC. Daar liep ik alle langere afstanden, zoals de 3 km en 5km op de baan en wegwedstrijden van 10 en 20 kilometer. Heel af en toe ook wel de 800 en 1500 meter. Ook heb ik in het verleden meegedaan aan de wereldrecordpoging met 100×400 meter lopen met 100 man. Dit hebben we ook gehaald. We stonden zelfs kort in het Guiness Book of Records.

Tijdens een van mijn fietsvakanties heb ik mijn vrouw leren kennen. We zijn na een aantal jaren verhuisd van Amsterdam en in Alphen aan den Rijn gaan wonen. Toen ik voor werk een langere tijd in Saoedi Arabië ben gaan werken, ben ik begonnen met zwemtraining. In die tijd, ongeveer 40 jaar geleden, werden triathlons steeds bekender. Wedstrijden werden ook op televisie uitgezonden.

Hoe heb je besloten mee te doen aan een triathlon?

In mijn woonplaats Alphen aan den Rijn werd een van de eerste triathlons in Nederland georganiseerd. Dit was de kwartafstand. Eigenlijk fietste ik toentertijd al veel en zwom ik af en toe ook al. Ik ben iets meer gaan zwemmen, maar wissel/koppeltrainingen deed ik niet heel vaak. Voor de eerste triathlon trainde ik nooit twee onderdelen achter elkaar. De eerste keer deed ik gewoon mee en zag ik het allemaal wel. Later kwam ik er pas achter dat je de overgang en de wissels moest trainen! Tijdens de eerste wedstrijd had ik ook nog geen wetsuit.

Was er toen al ergens een triathlonvereninging?

Er was in de buurt wel een losstaande trainingsgroep van triathlon-enthousiastelingen maar nog geen officiële triathlonvereniging. We deden de trainingen zonder trainer en gewoon op straat (nog geen hardlooptrainingen op de baan dus). Fietsen heb ik eigenlijk altijd voor mezelf gedaan.

Wanneer besloot je nog een triathlon te gaan doen?

Na een tijdje ben ik lid geworden van de triathlon-trainingsgroep in de buurt. Met deze groep gingen we ook vaker wedstrijdjes doen. In het begin (het eerste seizoen) deed ik alleen maar korte afstanden. Ook in het tweede seizoen deed ik alleen de korte afstanden. Pas vele jaren later ben ik langere afstanden gaan doen. Toen ik 44 jaar oud was, deed ik mijn eerste halve en hele triathlon. Voordat je aan de hele mee mocht doen, moest je eerst een halve afstand gedaan hebben. Toen ik 45 jaar was heb ik weer een hele afstand gedaan. Ik deed er in eerste instantie twee achter elkaar omdat ik mijn tijd wilde verbeteren en toch al goed getraind was voor de eerste triathlon. Een verbetering zat er helaas niet in, omdat het de tweede keer veel warmer was. Toen ik 50 jaar was heb ik weer een hele afstand voltooid.

Henk medaille

Foto door Wendy den Breejen-Brouwer.

Wat was je beste prestatie tot nu toe?

De eerste hele afstand die ik deed was eigenlijk het “makkelijkst”. Toen wist ik niet wat mij allemaal te wachten stond. De tweede keer voelde ik mij beter qua conditie en dacht ik ook dat ik harder zou gaan dan het jaar daarvoor. Tijdens het zwemmen en fietsen ging ik inderdaad sneller. Met hardlopen was het zo warm, dat het veel zwaarder ging. Toen moest ik veel meer doorzetten om dit onderdeel te voltooien. Qua gevoel ging het op mijn 50ste hetzelfde. Ik kon mij er toen mentaal beter op voorbereiden.

Hoe ziet een gemiddelde week trainen er voor jou uit?

Op het moment heb ik een griepje, dus doe ik eigenlijk niets. In de winter wil ik mijn loopconditie helemaal goed hebben. Vanaf november tot december en januari werk ik hier aan. Als de wedstrijd nadert train ik tussen de 10 en 20 uur per week. Aan het begin van het seizoen train ik 10 uur en dat bouw ik op richting de wedstrijd. Voor een halve triathlon begin ik een half jaar van tevoren en maak ik in de zomermaanden de meeste uren.

Hoe heb je de balans tussen een fulltime baan, sociaal leven en trainingen gevonden tijdens de voorbereidingen voor de hele triathlon?

Deze vraag kan mijn vrouw denk ik het beste beantwoorden. Marja: “Henk ging trainen en ik probeerde het allemaal te combineren”. Henk: Ik fietste vanuit Alphen a/d Rijn al veel naar Amsterdam als woon-werk verkeer. Zo was mijn reistijd tegelijkertijd training. Bij lange duurlopen ging mijn vrouw mee op de fiets. Zij had dan bidons en sportvoeding bij zich. Als ik een koppeltraining ging doen, vertelde ik mijn vrouw hoe laat ik ongeveer terug zou zijn met fietsen. Met hardlopen gingen mijn vrouw en kinderen mee. De kinderen vonden dit altijd wel leuk. We maakten er altijd wat gezelligs van. Op deze manier zag ik mijn vrouw en kinderen ook tijdens het trainen.

Op mijn werk begon ik al heel vroeg, dus er zaten voor mij meer uren in een dag. Aan mijn vrouw werd veel gevraagd hoe zij dat nou deed; twee kinderen en een man die aan het trainen was voor een triathlon. Mijn vrouw liep af en toe een rondje mee met hardlopen. Dan liep ik soms ook wat rustiger of liep ik meerdere rondjes. Mijn vrouw ging dan bijvoorbeeld het eerste rondje mee.

In het weekend gingen (en gaan) we naar het Grote Bos toe in Doorn (vakantiepark, red.). Zwemmen kon ik daar al vroeg doen. Daarna ging ik vaak meteen fietsen en hardlopen. Rond 12 uur stond mijn vrouw klaar met de lunch. Daarna gingen we met het gezin dingen doen.

Mijn herstel bestond eigenlijk veel slapen of op de bank liggen. Ik ging vroeg naar bed en deed ’s middags na een zware trainingen wel eens een tukkie op de bank. Regelmaat in slapen, eten en sporten, en weinig alcohol waren die periode erg belangrijk. Eens in de twee weken bracht ik een bezoekje aan de sportmasseuse toe, die in de buurt woonde.

Henk tri365

Foto door Wendy den Breejen-Brouwer

At je volgens een bepaald schema?

Nee, ik at gewoon aardappelen groente en vlees. Gewoon normaal eigenlijk. Yoghurt in de ochtend. Broodje in de middag en in de avond aardappelen, groente en vlees. Tijdens duurtrainingen oefende ik op een gegeven moment wel met gelletjes en voeding en drinken dat ik tijdens de wedstrijd ook zou nemen. Eigenlijk at ik de hele dag door. Dit waren niet alleen maar gezonde dingen, maar ook ongezonde dingen. Maar als je 20 uur per week traint word je niet snel dik.

Zie je grote verschillen tussen vroeger en nu?

Ik ga steeds langzamer en de rest eromheen gaat net even iets harder. Het materiaal is ook beter geworden. Vroeger reed iedereen op een racefiets. Tijdritfietsen bestonden eigenlijk niet. Toen kreeg je spaghettistuur, ossenkopsturen, bananenhelmen etc. Nu ziet dat er alweer anders uit.

Verschillen met regelgeving?

Jazeker. Een voorbeeld: De regelgeving is wel een stuk strenger geworden. Vroeger mocht je alles in je blote bast lopen. Tegenwoordig mag je een rits maar een klein stukje opendoen. Je lijf moet gewoon bedekt zijn. Vroeger maakte dit niet uit. Dit is slechts één van de vele verschillen.

Zijn er nog meer verschillen tussen toen en nu?

Mensen vinden triathlons tegenwoordig wat meer gewoon. Vroeger werd het als heel extreem gezien en was je heel bijzonder als je een hele triathlon deed. Er deden niet veel mensen aan triathlon. Tegenwoordig wordt de sport juist steeds populairder. Tijdens de challenge Almere-Amsterdam hebben ze de laatste jaren vaak een record aantal deelnemers. Mensen rijden ook met steeds nieuwere en mooiere spullen.

Triathlon was vroeger al een dure sport. Helm, fietsschoenen, zwemkleding, zwembril, racefiets. Tegenwoordig moet je ook vaak verplicht een wetsuit hebben en is het inschrijfgeld erg hoog. Vroeger werd het veel meer betaald door sponsoren en vrijwilligers. De organisatie moet zich steeds meer aan de regels houden.

Wat zou je iemand die nog nooit een triathlon heeft gedaan, maar dit wel wil gaan doen, meegeven qua tips?

Foto door Wendy den Breejen-Brouwer.

Overleg het vooral eerst met je partner! Zorg daarnaast dat je goed getraind bent en nagedacht hebt over de wissels en waar je je spullen neerlegt. Oefen de wissels en overgangen tussen de sporten. Bijvoorbeeld bij de T2 wissel fietsen naar lopen, bedenk je alvast hoe je de helm gaat neerleggen en waar je de fietsbril stopt. Zorg dat je traint op het efficiënt uitvoeren van de wissels. Ik kon de wissels goed visualiseren en wist zo tijdens de wedstrijd precies hoe ik het aan ging pakken.

Als je een zwemtraining hebt gedaan met je wetsuit, ga dan niet heel rustig het water uit, maar ren eruit. Probeer met een hoge hartslag zo snel mogelijk het wetsuit van je lijf te krijgen. Zorg dat je op de fiets springt en je helm goed hebt. Het is zonde om alleen te trainen om iets harder te gaan tijdens de aparte onderdelen en deze gewonnen minuut weer te verliezen omdat je de helm achterstevoren op je hoofd hebt!

Heb je moeite met zwemmen? Volg dan een cursus. Train je het hardlopen al bij een atletiekvereniging, dan kan je het fietsen prima zelf erbij doen. Je hoeft niet per se lid te zijn van een triathlon-vereniging. Weet je niet hoe je moet trainen? Ga er dan heel veel over lezen.

Tijdens de wedstrijd is het handig om altijd je eigen gelletjes en voeding gebruiken. Als je iets aanneemt van de organisatie, is het goed om daar ook mee te trainen zodat je lichaam er aan kan wennen.

*Hoofdafbeelding van dit artikel is gemaakt door Wendy den Breejen-Brouwer.